De eerste keer dat ik over Sofort las, was in 2014 in een Duitse vakuitgave over online betalingen. Wat me toen opviel: de naam klonk als een belofte. Sofort, oftewel direct. Twintig jaar verder weten we hoe dat verhaal afliep. De methode is in Klarna opgegaan, het zelfstandige merk bestaat niet meer. Maar de invloed van wat ooit in München begon, is veel groter dan veel Nederlanders denken.

In dit dossier reconstrueer ik de geschiedenis vanaf de oprichting. Niet als nostalgie — als context. Wie begrijpt waar Sofort vandaan komt, snapt ook waarom Klarna Pay Now vandaag werkt zoals het werkt en waarom de Nederlandse markt zich destijds zo terughoudend opstelde.

De oprichting in München in 2005

Stel je het Duitsland van 2005 voor. Online winkelen groeit, maar betalen is een gedoe. Creditcards zijn er, maar veel Duitsers gebruiken ze niet. PayPal is een Amerikaans product met beperkte acceptatie. Iedereen heeft wel een bankrekening — alleen, hoe verbind je die bankrekening met een webshop zonder dat de transactie drie werkdagen duurt?

Dat was de vraag die de oprichters van Payment Network AG zichzelf stelden. Onder de oude naam Payment Network AG werd in München een product gebouwd dat een directe machtiging voor een banktransfer regelde: de klant logt in op zijn eigen bankomgeving, autoriseert de overschrijving, en de merchant ziet meteen een bevestiging dat het geld onderweg is. Het heette aanvankelijk Sofortüberweisung — letterlijk “directe overschrijving” — en het werkte zonder dat de merchant zelf bankgegevens te zien kreeg.

Wat het slim maakte, was niet de technologie zelf. Een banktransfer is een banktransfer. Wat het slim maakte, was de tussenpositie. Sofort gedroeg zich als een vertrouwde tussenpersoon die voor de klant inlogde, voor de merchant bevestigde, en voor beide partijen de wrijving van een traditionele bankoverschrijving wegnam. Voor 2005 was dat nieuw. Veel banken vonden het te nieuw — en de juridische strijd die daarop volgde, ging jaren door.

Hoe Sofort uitgroeide tot een Europese speler

De Duitse markt was groot genoeg om de eerste jaren te financieren. Maar al snel werd duidelijk dat het model in meerdere landen kon werken. Elk Europees land had online banking. Elk land had webshops die instant-confirmatie wilden. De expansie was logisch, maar niet eenvoudig — elk land had eigen banken, eigen authenticatiestandaarden, eigen taal.

Tegen 2014 was Sofort actief in 13 Europese landen of meer: Duitsland, Oostenrijk, België, Nederland, Spanje, Italië, Polen, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Tsjechië, Slowakije, Hongarije en Zwitserland. Voor een Duits product was dat een serieuze internationale voetafdruk. Het succes was vooral DACH-gericht — Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland — maar de aanwezigheid in Polen en Italië was substantieel.

De groei ging gepaard met juridische schermutselingen. Duitse banken probeerden Sofort uit hun infrastructuur te weren, met als argument dat klanten hun bank-inloggegevens prijsgaven aan een derde partij. Sofort verloor en won verschillende zaken; uiteindelijk werd het concept van een vertrouwde tussenpartij erkend, en de wet liep mee in de vorm van wat later PSD2 zou worden. Dat juridische gevecht maakte Sofort tot een soort prototype voor wat we nu open banking noemen.

De intrede in Nederland

In Nederland speelde een ander verhaal. Toen Sofort in NL beschikbaar werd — ergens rond 2010, met serieuze marketing in de jaren erna — bestond iDEAL al sinds 2005. iDEAL was geen tussenpartij, het was een coöperatief product van de Nederlandse banken zelf, en het had de hartelijke steun van Currence en de gezamenlijke marketing van bijna alle grote banken. Voor een NL-consument was iDEAL bekend, vertrouwd en gratis aan de gebruikerskant.

Sofort moest in NL concurreren met een dominante incumbent. Het lukte niet om iDEAL van de troon te stoten. Maar Sofort vond wel een niche: cross-border verkoop. Buitenlandse webshops die in Nederland klanten wilden bedienen, hadden niet altijd een iDEAL-integratie. Sofort vulde dat gat door één integratie aan te bieden die in 13 landen werkte, inclusief Nederland. Voor Duitse webshops die NL-klanten ontvingen, was Sofort daarmee aantrekkelijker dan een aparte iDEAL-koppeling regelen.

In het Nederlandse iGaming-segment, dat tot 2021 nog niet legaal was, dook Sofort op bij internationale aanbieders. Spelers vonden het soms terug onder labels als “Klarna Sofort” of “Sofortüberweisung”. Het bleef een tweede of derde keuze achter iDEAL, maar het bestond — en dat is precies waarom het label vandaag nog op sommige NL-kassa’s te zien is, ook al staat er allang andere techniek achter.

De jaren vlak voor de Klarna-overname

Begin 2014 had Sofort een gezond profiel: actief in 13 landen, miljoenen transacties per jaar, een herkenbaar merk in de DACH-regio. Tegelijkertijd was de markt voor online-betalingen aan het verschuiven. Klarna in Zweden bouwde een breder pakket: gespreid betalen, factuur achteraf, koop-nu-betaal-later. Klarna had wat Sofort niet had — een complete consumentenervaring met meerdere financieringsvormen — en Sofort had wat Klarna nog niet had: een directe banktransfer-flow in Centraal-Europa.

De combinatie was logisch op papier. Klarna kocht in maart 2014 het Münchense bedrijf voor ongeveer 150 miljoen dollar. Het geld kwam uit een financieringsronde van 90 miljoen euro, met Sequoia Capital, General Atlantic en Atomico als investeerders. Voor een Duitse betalingsspeler was dat een serieuze waardering, en voor Klarna betekende het in één klap een uitbreiding van zijn productportfolio met de instant-bankoptie.

Wie de details achter die deal wil lezen — wie het Sofort-team na de overname werd, hoe de integratie verliep, en waarom het tot 2024 duurde voordat de merken werden samengevoegd — kan terecht in mijn aparte dossier over de Klarna-overname van Sofort in 2014.

De erfenis van Sofort in de huidige betalingswereld

Sofort als merk is verdwenen. Maar als concept leeft het overal voort. De flow waarin een consument inlogt op zijn eigen bankomgeving en een transactie autoriseert — dat is Sofort. Wat het in 2026 in plaats van Sofort doet, heet pay-by-bank, open banking payment, Klarna Pay Now, of straks Wero. De namen verschillen, de techniek niet wezenlijk.

Voor de Nederlandse markt is de erfenis tweeledig. Aan de ene kant is iDEAL nog steeds de absolute kampioen, met een marktaandeel rond 72 procent in e-commerce. Aan de andere kant heeft het succes van Sofort in DACH laten zien dat een privaat consortium een Europese standaard kan bouwen — en dat is precies het model dat de Europese Payments Initiative met Wero wil herhalen, alleen op een schaal die heel het continent omvat.

Dat is misschien wel het mooiste paradox van Sofort. Het is verdwenen omdat het succesvol was. Het idee bleek zo werkbaar dat het concept overal werd nagebootst, het merk overbodig werd, en de oprichters uiteindelijk hun werk konden afronden door in de grotere Klarna-structuur op te gaan. Voor wie in 2026 naar een Nederlandse casinokassa kijkt: elke instant-knop daar — onder welk label dan ook — heeft ergens een lijn die terugloopt naar München in 2005.

Wie waren de oprichters van Sofort GmbH?
Sofort werd in 2005 opgericht onder de naam Payment Network AG door een team van Duitse fintech-ondernemers in München. De bekendste naam uit de oprichtende groep is Christoph Klein, die jarenlang het gezicht van het bedrijf bleef. Het oorspronkelijke team bleef na de overname door Klarna in 2014 nog enkele jaren actief binnen de Klarna-organisatie.
Waarom heette Sofort eerst Sofortüberweisung?
Sofortüberweisung is het Duitse woord voor directe overschrijving, en dat was letterlijk wat de dienst aanbood: een banktransfer die meteen door de merchant kon worden gezien als geautoriseerd. Toen het product internationaal werd uitgerold, bleek de volledige naam te lastig om uit te spreken voor niet-Duitse gebruikers. Het werd ingekort tot Sofort, dat in heel Europa werkbaar bleek als merknaam.